“De overwinning hangt niet meer aan een draadje, hij hangt weer aan een kabel.” Toenmalig commentator Theo Reitsma sprak de zin akelig koelbloedig uit terwijl John Guidetti zojuist zijn krabbel zette onder een hattrick tegen Ajax. Gesigneerd, een 19-jarige Zweed die barstte van het zelfvertrouwen en zei wat hij dacht, maar óók een Zweed die daad bij woord voegde en zich daarom zijn houding kon veroorloven.
De bezoekers uit Amsterdam leidden met 0-1 toen Guidetti voor het eerst van zich deed spreken. Met de bal aan de voet drong hij het strafschopgebied van Ajax binnen, op weg naar het ontstaan van zijn heldenstatus. Jan Vertonghen zette een sliding in en Guidetti stortte ter aarde. Onterecht, bleek later uit de herhalingen. De Zweedse aanvaller stond op het been van Vertonghen, niet andersom. Toch zwaaiden zijn armen theatraal de lucht in, liet hij zich voorover vallen en wees Björn Kuipers resoluut naar de penaltystip. Een cadeautje dat Guidetti niet onuitgepakt liet. Sterker nog, hij scheurde het cadeaupapier er met zijn tanden vanaf. Vol overtuiging schoot hij de bal in de linkerkruising, langs de kansloze Kenneth Vermeer. Het was het begin van een bijzonder memorabele middag.
Guidetti had na zijn rake strafschop nog elf minuten nodig om zijn tweede doelpunt van de wedstrijd te maken. Bij een scrimmage in de Amsterdamse doelmond stond hij op de juiste plek en was hij het meest doortastend. In de eigen Kuip, met een 2-1 voorsprong op de aartsrivaal, liet hij de supporters dromen van de nieuwe Ove Kindvall. De Zweedse voormalige topscorer van Feyenoord was herboren in de vorm van John Guidetti. Men wist het zeker.
Toch werden de dromers op de tribune even ruw onderbroken door de invalbeurt van een zekere Dmitri Bulykin. Nadat Bakkal heel Rotterdam-Zuid nog had doen dansen van geluk met zijn doeltreffende schuiver in de verre hoek, besloot Ajax-spits Bulykin eens door te lopen op doelman Erwin Mulder. De keeper leek zeeën van tijd te hebben, maar werd overvallen door de Russische bonk spieren. Mulder trapte de bal tegen Bulykin aan, waarna het speeltuig de goal in caramboleerde. Het gezicht verborgen in het shirt, het hoofd naar beneden gebogen. Niet enkel bij Mulder, ook op de tribunes maakte het comfortabele gevoel van een 3-1 voorsprong plaats voor angst. Angst dat het draadje waaraan de voorsprong nu nog hing, zou knappen.
Met nog tien minuten op de klok wist men in de Kuip dat het een zeer, zeer, zeer spannende slotfase zou gaan worden. Het zal toch niet… De bezoekers uit Amsterdam roken het angstzweet dat zich langzaam meester maakte van de jonge equipe die trainer Ronald Koeman het veld in had gestuurd. Erwin Mulder, Bruno Martins Indi, Kelvin Leerdam, Miquel Nelom, Jordy Clasie, Kamohelo Mokotjo… wie zou hen behoeden voor de Amsterdamse storm die zij in de slotfase over zich heen zouden krijgen? Het antwoord leek in de sterren te staan geschreven. Supporters kregen een déjà vu naar een uur eerder, toen Guidetti zijn tweede van de middag had gemaakt en zij hadden gedroomd dat ze Kindvall weer zagen lopen. Die droom had even plaatsgemaakt voor angst door de Amsterdamse aansluitingstreffer, maar was nu weer springlevend. Want daar ging hij, afstevenend op de goal van de vijand. De pass van Mokotjo moest nog komen, maar het orakel dat de Kuip heette had al gesproken. Guidetti zou zijn hattrick completeren. In eigen huis, tegen de zo verafschuwde club uit de hoofdstad. Hij punterde de bal langs de uitgekomen Vermeer en bezegelde de overwinning. Een klinkende overwinning, welke volledig op het conto mocht worden geschreven van de brutale jongeman uit Zweden.
Guidetti kwam, zag en overwon. Hij overwon de scepsis ten opzichte van een goed resultaat tegen Ajax, de scepsis ten opzichte van zijn criticasters en de scepsis ten opzichte van de gehele ploeg die op dat moment het Feyenoordshirt om de schouders droeg. Hij overwon die bewuste zondagmiddag alles.